Ineke van der Valk presenteert Monitor Moslimdiscriminatie

In opinie door Ewoud Butter op 06-03-2015 | 07:45

Van de naar schatting 475 moskeeën in Nederland heeft meer dan een derde (39 %) in de afgelopen tien jaar te maken gehad met één of vaak meerdere voorvallen van discriminatoire agressie en geweld.

Van de 84 moskeeorganisaties die een vragenlijst over tegen hen gerichte agressie hebben ingevuld, heeft twee derde (68 %) verschillende vormen van agressie meegemaakt en een derde (32 %) niet. Op de vraag hoe vaak de moskee sinds 2005 het mikpunt was geweest van agressie rapporteerde een kwart (26 %) van de moskeeën dat zij één of twee keer per jaar problemen ondervonden.
Ofschoon een derde (32 %) van alle respondenten bang is voor meer agressie in de nabije toekomst is er geen sprake van een overheersend klimaat van angst. Bijna de helft (47 %) ziet de algemene vijandige houding tegenover moslims en islam als het belangrijkste motief voor de agressie.
Veel moskeeën doen melding bij de politie, maar zijn over het algemeen teleurgesteld over de bagatelliserende en depolitiserende reactie van politie en overheden.

Dat zijn enkele resultaten uit de Monitor Moslimdiscriminatie. Dit rapport werd gisteren door onderzoeker Ineke van der Valk in Amsterdam gepresenteerd.

Op de website FrontaalNaakt werd in 2009 door blogger Prediker voor het eerst aandacht voor incidenten rond moskeeen. Republiek Allochtonië nam dit stokje in 2010 over en publiceerde regelmatig updates van incidenten. In 2012 was Ineke Van der Valk de eerste die wetenschappelijk onderzoek over dit fenomeen publiceerde in het boek Islamofobie en discriminatie. In haar nieuwe onderzoek zijn nu moskeebesturen gevraagd naar hun ervaringen op dit gebied, waardoor het beeld over discriminatoire agressie en geweld tegen moskeeën in Nederland steeds duidelijker wordt.  Over de daders is relatief overigens relatief weinig bekend, ook omdat ze zelden gepakt worden. 

De resultaten zijn deels al eerder op Republiek Allochtonie geplaatst. Hieronder de belangrijkste resultaten, die afkomstig zijn uit de samenvatting van het rapport. 

  • Van de naar schatting 475 moskeeën in Nederland heeft meer dan een derde (39 %) in de afgelopen tien jaar te maken gehad met één of vaak meerdere voorvallen van discriminatoire agressie en geweld.
  • Een deel van deze moskeeën maakte zulke incidenten minstens jaarlijks of zelfs vaker mee.
  • Vernieling, bekladding met discriminatoire leuzen, (pogingen tot) brandstichting, dreigbrieven en het ophangen van een varkenskop behoren tot de meest voorkomende incidenten.
  •  Een derde (30 %) moskeeën hebben geen voorvallen van discriminatoire agressie en geweld meegemaakt.
  • Van een derde (29 %) van de moskeeën is niet bekend of zij dit soort ervaringen hebben gehad. Aannemelijk is dat het merendeel van deze laatste categorie zulke voorvallen niet heeft meegemaakt.
  • Turkse en Marokkaanse moskeeën maakten dit verhoudingsgewijs in even grote mate mee. Surinaamse moskeeën maakten dit slechts incidenteel mee.
  • Van de 84 moskee organisaties die een vragenlijst over tegen hen gerichte agressie hebben ingevuld, heeft twee derde (68 %) verschillende vormen van agressie meegemaakt en een derde (32 %) niet.
  • Hoewel kan worden verwacht dat moskeeën die ervaringen hebben met incidenten meer gemotiveerd zullen zijn om aan onderzoek hiernaar deel te nemen, is dit een hoog percentage.
  • In totaal maakten deze 57 respondenten 118 daden van agressie en geweld mee. Negentien van hen rapporteerden dat zij in het afgelopen jaar zulke incidenten hebben meegemaakt en zeventien in de afgelopen vijf jaar (2009-2013/2014). De frequentie varieerde.
  • Op de vraag hoe vaak de moskee sinds 2005 het mikpunt was geweest van agressie rapporteerde de meerderheid (64 %) dat dit één of enkele keren het geval was geweest, een kwart (26 %) van de moskeeën ondervonden één of twee keer per jaar problemen en twee zelfs eens per drie maanden.
  • Naast materiële schade (85 %) werd ook emotionele schade (58 %) ondervonden terwijl een beperkt aantal (10 %) ook fysieke schade opliep.
  • Ofschoon een derde (32 %) van alle respondenten bang is voor meer agressie in de nabije toekomst is er geen sprake van een overheersend klimaat van angst.
  • Slechts 13% van de moskeeën die doelwit van agressie waren gaven dit niet bij de politie aan. 
  • Slechts één moskee deed een melding bij een antidiscriminatie voorziening.
  • Afgezet tegen het algemene meldingspercentages bij discriminatie deden boven verwachting veel van de getroffenen (85 %) aangifte bij de politie. Wellicht is het zo dat moskeeën die niet geneigd zijn te melden, ook niet gauw aan een onderzoek als dit zullen willen meewerken. En omgekeerd, wie meldt, wil zich ook wel inzetten voor zo’n onderzoek.
  • Voor veel van degenen die meldden waren de resultaten daarvan echter teleurstellend: de politie leek niet geïnteresseerd, deed niets of pas na verloop van tijd. Bovendien klaagden veel respondenten over de gebrekkige communicatie door de politie. 
  • Bijna de helft (47 %) zag de algemene vijandige houding tegenover moslims en islam als het belangrijkste motief voor de agressie (en geen specifieke gebeurtenis of media event). Ook werd het niet gezien als willekeurige agressie. 
  • In twee derde van de gevallen (65 %) weten de moskeeën niets over de daders.
  • Dit staat niet los van het gegeven dat politie en overheden de voorvallen in veel gevallen bagatelliseren, en depolitiseren door het discriminatoire karakter ervan te ontkennen. De moskeeën die slachtoffer werden, richtten zich vaak niet alleen tot de politie maar ook tot de lokale autoriteiten. Zij gingen met hen in discussie en organiseerden een bijeenkomst met de gelovigen, informeerden de pers en organiseerden bewaking.
  • Voorzover bekend gaat het bij daders vooral om jongeren, in een klein aantal gevallen om individuen die niet altijd even toerekeningsvatbaar waren en enkele keren om daders uit extreemrechtse hoek.
  • Deze voorvallen vonden verspreid door het hele land plaats, maar vaker in middelgrote of kleine gemeenten dan in de vier grote steden, hoewel het aantal voorvallen daar recent toeneemt.
  • Het aantal incidenten in de periode 2013-2014 is relatief hoog in vergelijking met voorgaande jaren en vaak ging het om ernstige incidenten, zoals tien gevallen van brandstichting.
  • Zichtbare, als zodanig herkenbare moskeeën – vrijstaand, minaret – zijn vaker doelwit dan meer ingebouwde gebedshuizen in gebouwen die voorheen een andere bestemming hadden.
  • Vooral moskeeën die werken aan nieuwbouw of nog niet lang geleden nieuw werden gebouwd, waren relatief vaker doelwit van agressie. Het is in verband hiermee mogelijk dat daders zich aangemoedigd voelen door het anti-islam discours en de acties tegen nieuwbouw moskeeën van de PVV en aan deze partij gelieerde initiatieven.
  • Als het gaat om oorzaken wijzen de moskeebesturen in de eerste plaats naar het gebrek aan kennis over moslims en islam (78 %), maar ook naar de berichtgeving in de pers over moslims (75 %) en naar politieke propaganda tegen moslims (74 %). In iets mindere mate ook worden ‘reactie op terroristische incidenten’ genoemd ( 53 %) en ‘internationale gebeurtenissen’ (42 %). Als oplossing brachten moskeebestuurders naar voren dat de publieke opinie beter zou moeten worden geïnformeerd en dat dialoog en educatie noodzakelijk zijn.
  • Zij deden veel suggesties over wat de moskeeën zouden kunnen doen om meer harmonieuze relaties te bewerkstelligen met de omgeving. De moskeeën zouden vaker een beleid van openheid naar de buitenwereld moeten voeren, open voor de buurt, voor bezoekers, voor instellingen en instanties.
  • Zij wezen ook op de cruciale rol van de media en de politiek die hun verantwoordelijkheid zouden moeten nemen om vooroordelen tegen te gaan en meer objectieve informatie te geven.
  • Naast de agressie tegen de moskeeën heeft ruim een vijfde (21 %) van de geïnterviewden zelf te maken gehad met discriminatoire incidenten en bijna de helft ( 46 %) kende andere mensen die zulke ervaringen hebben gehad. In twee derde van de gevallen (63 %) werden die ervaringen echter niet gemeld bij de politie. In 21 % van de gevallen gebeurde dat wel.
  • De meerderheid van de survey-respondenten heeft een Turkse achtergrond. Dit roept de vraag op waarom Marokkaanse moskeeën er moeilijker toe te brengen zijn om deel te nemen aan het onderzoek. Is het omdat zij minder last ondervinden van incidenten en geweld? Kennelijk niet want na samenvoeging met gegevens uit andere bronnen blijkt dat beide groepen evenredig worden getroffen. 

Behalve over incidenten rond het moskeeen, wordt in het rapport van Van der Valk meer behandeld. Zo schrijft ze uitgebreid over ander onderzoek naar moslimdiscriminatie, besteedt ze (opnieuw) aandacht aan de definiëring van de term islamofobie, besteedt ze aandacht aan de rol van politieke partijen waaronder de PVV, werpt ze een blik over de grenzen en bekritiseert ze de wijze van registratie in de Poldis rapportages. 

Opvallend ten slotte is de passage waarin Van der Valk de reacties beschrijft die zij zelf ontving na een artikel op GeenStijl: 

"Niet alleen moslims zijn mikpunt. Ook personen die zich keren tegen discriminatie van moslims en minderheden moeten het op het World Wide Web ontgelden. Ook ikzelf mocht dit – niet als enige overigens - meemaken naar aanleiding van een interview met de Turks Nederlandse krant Zaman. Positieve reacties op Facebook en Twitter werden afgewisseld met een grote hoeveelheid uitingen van haatspraak in reactie op een interview. GeenStijl publiceerde daarnaast een uitgesproken haatdragende reactie in het hierboven beschreven bekende format met de titel ‘Islamofascistisch liegen met Ineke van der Valk’, van de hand van een redactrice die later de redactie van de rechtse opiniesite Jalta zou gaan versterken. Het stukje werd gevolgd door 275 reacties met allerlei aantijgingen en beledigingen: 23 scheldpartijen, zestien dreigementen, zes beledigingen en dertig seksistische aantijgingen. Slechts tien reacties waren min of meer te kernmerken als serieus. Het meest opvallend waren de suggesties om de geïnterviewde te beschouwen en te behandelen zoals verraders na de Tweede Wereldoorlog werden behandeld, in het bijzonder vrouwen die relaties hadden gehad met Duitsers. Opmerkelijk is dat dit soort vaker voorkomende reacties stamt uit het internationaal Eurabië discours..."

Het gehele rapport is hier (pdf) te downloaden.


Ewoud Butter is politicoloog en hoofdredacteur van Republiek Allochtonië. Meer van Ewoud op dit blog hier of op zijn website. Ewoud is ook te volgen op twitter: @ewoudbutter

;

Over moslimhaat op Republiek Allochtonië
Republiek Allochtonië besteedt aandacht aan alle vormen van discriminatie, met speciale aandacht voor antisemitisme en moslimhaat. Wij geven meestal de voorkeur aan de term moslimhaat boven de term islamofobie. Onder moslimhaat verstaan wij het uitsluiten, discrimineren of bedreigen van moslims of het geweld tegen moslims of hun gebouwen. Overigens kunnen niet alleen moslims slachtoffer van 'moslimhaat' zijn, maar ook mensen die er voor anderen kennelijk als moslim uitzien. Religiekritiek rekenen wij niet tot moslimhaat of islamofobie. 

Meer over moslimhaat op dit blog hier.

Lees bijvoorbeeld het artikelen van Martijn de Koning , Brian Whitaker en  Ineke van der Valk over de term islamofobie. Meer over islamofobie hier

Volg Republiek Allochtonië op twitter of like ons op facebook.  

 

Waardeert u ons vrijwilligerswerk? U kunt het laten blijken door een bijdrage over te maken op rekeningnummer NL12INGB0006026026 ten name van de stichting Allochtonenweblog te Amsterdam. Met een donatie van 5 euro zijn we al blij. Meer mag ook!  

 


Meer over ewoud butter, ineke van der valk, islamofobie, moslimdiscriminatie, moslimhaat.

Delen:

Reageer




Reacties


ben - 11/03/2015 11:53

neem even mee dat moskeen onderling elkaar afzeiken.
de Mobarak Mosque in de haag is zo een moskee die zelfs
op nationale TV (mijn moskee is ok) weggezet werd door de presentators.
Op alle moskee verzamelsites wordt hij verwijderd.

in Amsterdam moesten er in een (1) gebouw TWEE losse moskeeën gemaakt worden.
omdat de moslims onderling niet bij elkaar in een godshuis konden samenleven.
(Moskeeverzamelgebouw in Joubertstraat Amsterdam-Oost)

in den haag worden grote optochten door de straat gehouden om "Ashura" onder de neus te wrijven.
Inclusief folders en website https://www.facebook.com/ashura.nl waar het vol staat met
“macht van de Islamitische staat”, “haat jegens Yazid en zijn familie” en meer van dat fraais.
Zwarte plaatsjes met slogans “ ik beschouw de dood enkel als gelukzaligheid en het leven met tirannen enkel als vernedering”,
“gedenk de dag dat wij elk volk met zijn imam zullen oproepen”,
Het is flauw om dan de moslimdiscriminatie bij anderen te leggen als moskeen onderling elkaar al discrimineren.

nu kun je een s op een forum waar niet-westers-geworteld Nederland zich ophoud wat gaan lezen.
samenvatting:
-wij worden gediscrimineerd door "al die Nederlanders".
In combinatie met:
-Whatever you do, je gaat toch niet met een belanda/kaffir/kaaskop/enz trouwen? (en ZEKER niet met een neger)

Moslims zijn gewoon nederlander en discrimineren iedereen net zo als andere nederlanders. Stop met artikelen waar segregatie tussen autochtonen en de rest wordt uitgedragen. Dat zijn self fulfilling prophecies! Nederlanders (zowel autochtoon als allochtoon geworteld) gaan het op een gegeven moment als waarheid aannemen!

vanhetgoor - 06/03/2015 16:04

Er eenzijdig allemaal. Nergens wordt vermeld dat veel agressie tegen de moskee voortkomt uit de stellingname in de moskee door het moskeerbestuur. Dit wekt onder moskeebezoekers aversie op en die uit zich door agfressie tegen het gebouw. Wat natuurlijk dom is, onrecht wordt niet bestreden door verf tegen een gebouw aan te gooien.

Bertus - 06/03/2015 15:05

Als je als onderzoeker zoveel slecht onderbouwde bagger over je heen krijgt, dan stel je kennelijk iets aan de orde dat pijn doet.

Ik heb - volgens mij in tegenstelling tot de meeste reageerders - het hele rapport gelezen. Natuurlijk is er wel op aan te merken, maar dat geldt voor ieder (sociaal-wetenschappelijk) onderzoek.

Hulde voor mevrouw Van der Valk die haar nek durft uit te steken.

Siphra - 06/03/2015 14:13

Als je een onderzoek doet waarvan de resultaten zo klein en onbetekenend zijn dat het de moeite niet waard is te publiceren, dan neem in plaats van procenten, procenten van procenten. Gegarandeerd succes!

Faatje - 06/03/2015 11:18

Mijn vooroordelen over het niveau van de GeenStijl bezoekers baseer ik op het tokkie- niveau van de reacties. Maar, dat is inderdaad tekort door de bocht.
Over daders is inderdaad te weinig bekend, zoals Butter ook schrijft - en Van der Valk trouwens ook. Daarvoor is het van belang dat de politie wat meer haar best gaat doen de daders ook te pakken.
Om daarmee de rest van het verhaal nutteloos te noemen vind ik tekort door de bocht.

@saskia Flauwe ridiculiserende reactie met die buikruitjes. Dat is makkelijk schelden en mensen verdacht maken. In die lijn: met gospe bedoel je gotspe?
Waar citeert Van der Valk selectief? Of is deze conclusie van jou een voorbeeld van overmoedig interpreteren?

@dan verdiep je eens in het woord correlatie.

Dan - 06/03/2015 11:11

Rapporten die moslimhaat aankaarten, geschreven op een nederlandse universiteit waar toegestaan wordt dat leraren obv religieuze standpunten vrouwen geen handen schudden, kunnen wat mij betreft ongelezen de prullenbak in.
Het valt me nog mee dat er niet voorgesteld wordt om een muur te bouwen, die de vrouwen aan het zicht van de mannen moet onttrekken (zoals in Gouda).
Kortom, kijk eerst in de spiegel in plaats van verongelijkt te wijzen.
En deze gedachtes maken van mij natuurlijk een slecht mens.
De omgedraaide wereld.

Frank S. - 06/03/2015 10:52

Faatje | 06 maart 2015 om 10:31
Sorry Faatje maar vwb het opleidingsniveau van GeenStijl reaguurders ben je blijkbaar slachtoffer van je eigen vooroordelen. Of heb je andere cijfers dan deze?
https://sevenxseven.files.wordpress.com/2009/05/geenstijl-opleidingsniveau.png

Saskia - 06/03/2015 10:40

@ Faatje | 06 maart 2015 om 10:31


Ineke vd Valk een wetenschapper noemen is natuurlijk een gospe.

Op de UvA krijg je al een dr-titel als je onderzoek doet naar buiktruitjes en de professor bevriend met je is (L. Duits bij L. van Zoonen) en wordt een simpele vragenlijstafname al gelijkgesteld aan effecten die normaliter alleen uit RCT vastgesteld kunnen worden.


Daarnaast staat het rapport vol referenties van rapporten en amper van wetenschappelijke peer-reviewed publicaties. Selectief citeren en overmoedig interpreteren, meer dan dat is het rapport van Ineke niet.

Frank S. - 06/03/2015 10:36

Daders zijn meestal onbekend, dus motief onbekend. Dus conclusie dat sprake is van "discriminatoire agressie" heeft geen basis. Van der Valk baseert zich verder op enkele 10-tal(len) cases gedurende 10 jaar waarvoor meer informatie is en met name op de inschatting moskeebesturen. Rest van het verhaal is derhalve nutteloos.

Verder heel lollig dat zij "positieve reacties" zet tegenover "uitingen van haatspraak" (sic). Alsof er geen normale negatieve reacties zijn geweest op haar werk.

Faatje - 06/03/2015 10:31

Haha, op GeenStijl hebben ze het rapport van Van der Valk ook ontdekt. Genoemd worden in een wetenschappelijke rapport is natuurlijk een hele eer.
Wel jammer dat wetenschap wat hoog gegrepen is voor de gemiddelde redacteur en bezoeker daar. Bij gebrek aan argumenten gaan ze dan maar schelden.
Nieuwsbrief