Na aanslagen: geen afstand nemen maar verbinden

In opinie door Nourdeen Wildeman op 07-11-2020 | 10:04

‘Deze aanslagen zijn een aanval op onze manier van leven,’ horen we onze politici zeggen. Zelfverzekerd voegen ze toe dat wij onze vrijheden ‘koste wat het kost zullen verdedigen’. Dat wij hetgeen dat aangevallen wordt dienen te verdedigen is correct. Echter, aanslagen door IS zijn géén aanval op onze vrijheden of manier van leven. Om onszelf effectief te verdedigen moeten we begrijpen wat ze aanvallen en waarom. Dat schrijft Nourdeen Wildeman.

IS is een terreurorganisatie die strategisch te werk gaat. In hun eigen magazine ‘Dabiq’ legde de organisatie begin 2015 uit wat het beoogde doel is van aanslagen in West-Europa: het vergroten van de polarisatie tussen moslims en niet-moslims. Geen enkele extremistische organisatie wil hier een islamitische staat vestigen; ze richten zich op het Midden-Oosten. Moslims die in vrijheid in het Westen wonen ondermijnen hun narratief en verkleinen hun voedingsbodem. IS hoopt dat door verdere polarisatie de afkeer van de niet-islamitische bevolking en restrictief beleid door overheden de moslims naar het Midden-Oosten dwingt. Ironisch genoeg spelen de terreurorganisatie en politieke partijen die een islam-vrij Europa willen dus aan dezelfde zijde van het schaakbord.

Om ons te verdedigen tegen de impact van aanslagen moeten wij verdedigen wat zij aanvallen: de sociale cohesie van onze samenleving. Het tegengaan van segregatie en onderling wantrouwen wordt vaak ‘soft’ genoemd maar juist daar maken we het verschil.

Dit vraagt om een andere balans in de aanpak van onze overheden. Tegenover de feitelijke bedreiging pakt men nu onvoldoende door. Hoe kan het dat de terrorist in Wenen na zo’n korte gevangenisstraf weer vrij rondliep? De mensen die in Nederland uitreizigers ronselden zijn (bijna) alweer vrij. En mensen die terugkeren met verhalen dat ze enkel broodjes hebben gebakken komen er te gemakkelijk mee weg. Aanslagen worden gepleegd door mensen die zijn teruggekeerd of niet konden uitreizen. Ze lopen vrij rond en kunnen zelfs aan wapens komen. Het strafrecht dient mede om de samenleving te beschermen tegen de gevaren die van bepaalde individuen uitgaan. Hierin schieten we te kort en dat is gevaarlijk. Het is in het belang van iedereen – zeker ook van de moslimgemeenschap – dat de overheid hier harder optreedt.

Anderzijds grijpen overheden steeds meer in in de algemene vrijheden van moslims. Hoe ingrijpender de maatregelen, hoe onduidelijker de definities van de doelgroep. Van het initieel aanpakken van gewelddadige extremisten (goed!) naar het aanpakken van ‘salafisten’ tot recent het pleidooi van CDA’er Omtzigt om ‘islamisten’ aan te pakken. Wie ze daar precies mee bedoelen blijft een raadsel. Voor het electoraat klinkt het daadkrachtig maar het creëert meer problemen dan het oplost. De overheid criminaliseert een steeds groter deel van de moslimgemeenschap en treedt haar met wantrouwen tegemoet, wat ook het wantrouwen vanuit moslims naar de overheid weer vergroot. Terwijl IS-sympathisanten vrij rondlopen en wapens kunnen kopen worden moskeeën, predikers en vrouwen met gezichtsbedekking in hun vrijheden beperkt. Wie profiteren van deze polarisatie is duidelijk. We breken af wat we zouden moeten verdedigen.

Wij moeten vol inzetten op verbinding en sociale cohesie. Hier ligt een taak voor de overheid én samenleving. Een expliciete keuze voor onderling vertrouwen en verbinding. Het gaat er niet om dat moslims na aanslagen afstand moeten nemen (omdat dit verzoek een impliciete beschuldiging is vanuit wantrouwen) maar dat óók moslims toenadering moeten zoeken tot de ander. “Maar verbinding moet toch van twee kanten komen?” werpen mijn mede-moslims mij geregeld voor de voeten, en ze hebben gelijk. Ik zie daarin echter een motivatie om voor het eigen aandeel een voortrekkersrol op mij te nemen.

Tijdens mijn lezingen in moskeeën hamer ik op het praktiseren van de islam én op actief burgerschap. Ik ga in de media in gesprek en debat met andersdenkenden. In kerken en bij maatschappelijke organisaties spreek ik over de positie van moslims in Nederland. Multiculturele dialoogavonden waarbij iedereen elkaar huilend in de armen valt want ‘we zijn allemaal hetzelfde’ vermijd ik; ze doen geen recht aan de (soms fundamentele) verschillen en de angsten die er zijn. Debatavonden waarbij enkel het ongelijk van de ander bewijzen het doel is sla ik ook over; het doet geen recht aan de vele overeenkomsten en gedeelde waarden. Maar elke kans voor een open en eerlijke uitwisseling van gedachten, geïnteresseerd maar óók kritisch, over verschillen én overeenkomsten, over angsten én kansen, pak ik met beide handen aan. Bovenal: een actieve, positieve en constructieve rol spelen in de maatschappij. Op werk, school en in de sociale omgeving. Onderling contact is dé remedie tegen wantrouwen.

Op individueel niveau sla ik natuurlijk nog geen deuk in een pakje boter. Het is belangrijk dat de overheid al haar maatregelen en beleidsvoorstellen en de keuzes die wij als individu maken toetsen aan de vraag: verklein of vergroten we hiermee de polarisatie? De belangrijkste verdediging tegen de impact van deze terreuraanslagen is eenheid en sociale cohesie.

 

Wilt u dat Republiek Allochtonië blijft bestaan? Waardeert u ons vrijwilligerswerk? We kunnen uw steun goed gebruiken. U kunt Republiek Allochtonië steunen en een klein (of groot) bedrag doneren (nu ook via I-deal)

Neem een abonnement op onze dagelijkse nieuwsbrief: Subscribe to Republiek Allochtonië by Email


Meer over afstand nemen, extremisme, sociale cohesie, terrorisme, verbinding.

Delen:

Reageer