CTID: Niets doen is islamofobie faciliteren

In achtergronden door Roemer van Oordt op 16-03-2026 | 11:58

In een manifest, dat in het teken van de Internationale Dag tegen Islamofobie en vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen werd uitgebracht, doet het Collectief tegen Islamofobie en Discriminatie (CTID) een oproep aan het kabinet, de overheid, lokale overheden en alle democratische partijen om nu eindelijk werk te gaan maken van de aanpak van islamofobie.

Er zijn tientallen factsheets en onderzoeken verschenen die duidelijk maken dat moslimdiscriminatie, islamofobie, moslimhaat en institutionele uitsluiting van moslims aan de orde van de dag zijn. Het probleem zit, zo valt te lezen in het Manifest, niet alleen in onbegrip tussen mensen in de wijk of op de werkvloer:

We weten al lang wat werkt tegen moslimdiscriminatie. Mensenrechtenorganisaties, moslimorganisaties, organisaties die zich inzetten tegen islamofobie en onafhankelijke onderzoekers wijzen al jaren feilloos aan waar het écht wringt: in beleid, in wetgeving, in handhaving, in een politiek discours dat moslims als tweederangsburgers behandelt. Wat nodig is, is geen nieuw rapport en geen volgende ronde symbolische ontmoetingen, maar erkenning en actie. Dat begint met erkenning van moslimdiscriminatie en islamofobie als serieus, structureel en institutioneel probleem. Met duidelijke normstelling door bestuurders en politici die verklaren belang te hechten aan artikel 1 van de Grondwet. Voeg de daad bij het woord.

Het CTID eist in het Manifest op landelijk en lokaal niveau een stevig, zichtbaar en toetsbaar beleid tegen moslimhaat, met een vergelijkbare ambitie en inzet als de - terechte - aanpak van antisemitisme. Geen tweederangs bescherming voor moslims, geen tweesporenbeleid in de bestrijding van haat.

Dat moet volgens het Colecief vorm krijgen door landelijk opgesteld beleid tegen islamofobie, gericht op het beschermen van moslims tegen discriminatie, haat, uitsluiting en geweld. Het CTID roept in het manifest bestuurders en politici van democratische partijen, landelijk en lokaal, op om stelling te nemen tegen iedere vorm van discriminatie en haat jegens moslims. 'Neem je verantwoordelijkheid, stel normen en stop met het normaliseren van islamofobie'.

In het Manifest wordt ook een beroep gedaan op mensenechtenorganisaties en de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme (NCDR) om meer prioriteit te geven aan het expliciet benoemen van moslimdiscriminatie; 'niet verstopt onder brede labels, maar als concreet en eigenstandig probleem'. De NCDR maakt daar - net als veel (mensenrechten)organisaties uit het maatschappleijk middenveld - overigens al jarenlang werk van. Rabin Baldewsingh kondigde op 11 maart tijdens 'zijn' iftar in Den Haag de aanstelling van een Programmaleider Nationale Aanpak Moslimdiscriminatie aan, juist omdat de politek de vraag uit de moslimgemeenschap om een Nationaal Coördinator tegen Moslimdiscriminatie al jarenlang negeert. 

Verder valt in het Manifest te lezen dat het CTID antidiscriminatievoorzieningen en de politie nadrukkelijk vraagt zich (nog) meer in te spannen om moslimdiscriminatie te registreren, te herkennen en door te zetten en het OM en rechters verzoekt om zaken van moslimdiscriminatie daadkrachtig op te pakken 'zodat het duidelijk wordt: de rechtsstaat is óf er voor iedereen, óf ze is er in feite voor niemand'.


Roemer van Oordt (politicoloog) is redacteur van Republiek Allochtonië en doet onder meer langlopend onderzoek naar moslimdiscriminatie, de relatie tussen overheid en religie en (reacties op) de institutionalisering van de islam in Nederland. 


Het volledige Manifest vind je hier


Lees ookNCDR stelt Programmaleider Nationale Aanpak Moslimdiscriminatie aan


En meer over moslimdiscriminatie 


Vond u dit artikel waardevol?
Als u dit artikel waardeert, dan kunt u dat laten blijken met een (kleine) donatie. Daarmee blijft het mogelijk dit werk onafhankelijk te blijven doen. 

Je kunt met iDeal doneren via deze link: https://bunq.me/republiekallochtonie

 

 

 

Delen: