Insluiten door te verbinden en verbreiden

In opinie door Roemer van Oordt op 23-09-2015 | 06:46

Door: Roemer van Oordt

De directe én indirecte komst van politieke vluchtelingen uit Syrisch oorlogsgebied in Nederland bracht de afgelopen weken twee contrasterende reacties naar voren. Aan de ene kant zagen we hartverwarmende beelden van spontane hulpacties, een verdubbeling van het aantal vrijwilligers bij het Rode Kruis en doortastende burgemeesters en wethouders. Maar we waren ook getuige van een akelige islamisering van het debat door de PVV en van een bredere politieke onderstroom die angstgevoelens in de samenleving nodeloos voedt door het na-papagaaien van Wilders’ onbeheersbaarheidsjargon.
Tegen deze achtergrond én met het afscheid van de traditionele Zwarte Piet op Haagse scholen als kersverse actualiteit organiseerden Eén Land één Samenleving en het Euro-Mediterraan Centrum Migratie & Ontwikkeling (EMCEMO) afgelopen zaterdag in Amsterdam het symposium ‘Verbinden en Verbreiden’.

Geen overbodige luxe. Het bracht - onder leiding van GroenLinks bestuurder Fenna Ulichki - naast een bomvolle, divers gekleurde en geklede zaal, een gevarieerd en boeiend dagprogramma, met als hoofdthema’s racisme, islamofobie, antisemitisme en uitsluiting.

Titel en thema’s werden niet zomaar gekozen. De dag moest gaan over raakvlakken, herkenning, verbinding en samenwerking. Niet alleen op onderwerp, maar ook tussen verschillende disciplines en bevolkingsgroepen. Wetenschap, actiegroepen, politiek, sociale media, solidariteitsbewegingen, belangenbehartigers, moslims en joden, zwart en wit. ‘Een bredere beweging die in verzet komt tegen het haatzaaiende discours van Wilders is nu nodig’, gaf initiatiefnemer Abdou Menebhi de deelnemers mee in zijn openingswoord. En daarmee doelde hij niet alleen op de reguliere anti-islam politiek van de PVV, maar ook op de oproep van Wilders om in verzet te komen tegen de opvang van ‘stromen’ vluchtelingen en de grenzen te sluiten.

Vluchtelingencontext
Kenners als Laila al-Zwaini en Sigrid Kaag gaven vorige week zondag in Buitenhof aan hoe verschrikkelijk de situatie in Syrië is (zie ook dit interview met Staffan de Mistura, de speciale gezant van de Verenigde Naties voor Syrië) en zetten overtuigend uiteen dat de mogelijkheden van de massale miljoenenopvang in eigen regio (95%!) uitgeput raken. Kaag schetste een beeld van een verloren generatie Syrische jongeren in het nog nauwelijks van de eigen burgeroorlogen bijgekomen en religieus-etnisch sterk gefragmenteerde Libanon. Geen scholing, geen werk dus geen toekomst; zelfs al zouden de grote tekorten van de VN hulpprogramma’s alsnog worden bijgevuld. De perspectieven in het steeds instabielere Turkije en het loyale, maar politiek en economisch kwetsbare Jordanië zijn nauwelijks beter.

Al-Zwaini bracht een cynische analyse van het gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel bij de potsierlijk rijke Golfstaten, die - los van de voor hen benodigde arbeidsmigratie - weigeren ook maar één Syrisch oorlogsslachtoffer op te nemen. De meest wanstaltige vertoning kwam uit Koeweit, waar de sjeiks de inval van Saddam Hoessein in 1990 en de gevolgen daarvan schijnbaar al weer zijn vergeten, maar wel weten dat hun levenstandaard te hoog is voor de gemiddelde politieke vluchteling. Al-Zwaini ziet daarover snel toenemende burgerlijke ongehoorzaamheid in de (sociale) media ontstaan. Maar daar gaan we - het Palestijnse voorbeeld in gedachte - de Syriërs denk ik niet mee redden. Ook de door NRC.next columnist Christiaan Weijts voorgetelde boycot van het WK in Qatar als dat land geen politieke vluchtelingen uit Syrië opneemt acht ik kansloos. Dus ja, Europa is aan zet.

Daarover is veel gezegd en geschreven. Ook op Republiek Allochtonië. Graag verwijs ik naar dit artikel en vooral naar dit filmpje, dat in ruim 6 minuten duidelijk maakt hoe dramatisch de situatie in de regio is, waarom wij in Europa vluchtelingen uit oorlogsgebied zouden moeten opnemen en ook nog eens treffend weerwoord geeft tegen de talloze vooroordelen die er bij bezorgde, angstige en/of boze burgers in dorpen en steden in Europa leven.

In dat kader spoorde de burgemeester van Weert - waar inmiddels 1000 vluchtelingen zijn opgevangen - in Buitenhof van zondag de media aan meer aandacht te geven aan de positieve aspecten. En daar valt wel wat te verbeteren. Het eergisteren door de NOS gepresenteerde eigen onderzoek naar welke gemeenten de meeste vluchtelingen opnemen valt daar wat mij betreft niet onder. Dat werkt als katalysator voor tweespalt. De burgemeester gaf overigens zelf aan geen enkele reden te zien om er bij voorbaat al vanuit te gaan dat er problemen zouden ontstaan. Het beeld van ietwat overvallen, maar bereidwillige bestuurders, instemmende gemeenteraden en een verdeelde bevolking (actief solidair, bang en/of juist in ‘verzet’) geeft een realistische doorkijk in de Nederlandse context. Lodewijk Asscher verwoordde dat gisteren op zijn eigen manier in een bijdrage op dit blog

De kracht van herhaling en kennis als macht
Terug naar het symposium. Een belangrijk rode draad was de kracht van herhaling. Zowel Glenn Helberg als Halleh Ghorashi gaven in hun inleidingen aan dat door het consequent categoriseren van mensen interactie en communicatie achterwege blijft, afstand wordt vergroot en uitsluiting dreigt. Ghorashi maakte zich sterk voor een benadering waarbij - anders dan in de westerse wetenschap gebruikelijk is - de ander als uitgangspunt wordt genomen en in het gesprek een tussenruimte wordt gecreëerd door een stap opzij te doen. In die tussenruimte is plaats voor verhalen van de ander en in die verhalen komen emoties naar voren waarmee je je kan identificeren, hoe groot het veronderstelde verschil ook is. Je luistert naar de ander en er is verbinding. Ghorashi wil onthaasten, voor gesprekken de tijd nemen en die verhalen blijven herhalen. De kracht van de verhalen van ruimte en verbinding plaatsen tegenover die van afstand en uitsluiting.

Glenn Helberg stoot daar op aan. Hij stelde dat het dominante vertoog in de Nederlandse samenleving is opgebouwd uit vooroordelen. Door in de interactie met de andere alleen maar te horen dat je taal niet goed is, je geloof niet goed is, je kleur niet goed of je cultuur niet goed is, word je en voel je je per definitie buitengesloten. Het individu wordt steeds maar weer benoemt als ‘de ander’ die niet tot de ‘norm’ hoort.

De verhalen van Anja Meulenbelt en Ineke van der Valk waren politieker. Meulenbelt sprak van een déja vu, waarbij zij werd herinnerd aan begin jaren ’70. Net als toen ziet zij een ‘ethische revolutie over de hele linie’, waarbij gelijkwaardigheid en rechtvaardigheid de kernwoorden zijn en waarin grass-roots bewegingen vaak lijnrecht en grimmig tegenover (populistisch) rechts staan. Die beweging maakt zich hard tegen discriminatie en uitsluiting en komt op voor de rechten van minderheden en vluchtelingen, maar is volgens Meulenbelt ook heel divers, vaak nog kwetsbaar en onderling verdeeld. De handen ineenslaan is zeker geen automatisme. Zij refereerde daarbij specifiek aan de moeilijke samenwerking tussen moslims en joden in Nederland, waarbij Israël als splijtzwam fungeert.

Van de Valk pleitte in haar bijdrage voor een interdisciplinaire benadering van en het opbouwen van kennis over alle vormen van racisme, vooral omdat onderzoek naar racisme in Nederland structureel onderbelicht is. Islamofobie ziet Van de Valk als een effectief mechanisme van sociale uitsluiting, als een vorm van racisme die vergelijkingen vertoont met andere vormen van racisme, waaronder antisemitisme. Processen van categorisering en stereotypering gaan er aan vooraf. De toegenomen invloed van een islamofobe ideologie is volgens Van de Valk een van de centrale bestanddelen van de politieke verschuivingen in Nederland en in Europa. Er is sprake van een context van angst en onzekerheid over etnische en religieuze diversiteit. De immigratie vanaf de jaren ’70 en de komst van politieke vluchtelingen (begin jaren negentig en nu) geven daar voeding aan.

Hoe belangrijk ook, alleen maatregelen in de sfeer van recht en registratie zijn niet genoeg. Ook kennis en bewustwording zijn essentieel. Een conclusie die wordt gedeeld door de VN-commissie tegen Uitbanning van Rassendiscriminatie.

Van de Valk: ‘Daarom is het nodig om waakzaam te zijn en altijd een tegengeluid te laten horen als de PVV en obscure groepen als Identitair Verzet en Pro Patria de komst van moskeeën en asielzoekerscentra aangrijpen om mensen voor hun politieke antimigranten- en antimoslimkarretje te spannen, om het debat over vluchtelingen te islamiseren met hun kreten als ‘moslimkolonisatie’ en ‘islamitische volksverhuizing’. Daarom is het belangrijk de oren te spitsen en de ogen wijd open te houden als er zoals in Enschede plotsklaps zogenaamde spontane demonstraties plaats vinden tegen de opvang van vluchtelingen. Terwijl media praten over protest van buurtbewoners zagen we daar een Hitlergroet en iemand die na een schreeuwend verwijt aan asielzoekers dat zij ‘geen gevoel hebben’ en passant ook even te keer ging tegen links en homo’s. Had de NVU afgezegd of vond men het meer opportuun om undercover te komen? Daarom was het mooi om uit Zeewolde te horen dat Wilders’ actie om asielhulp tegen te houden zeker invloed had gehad: het versterkte de wil om vluchtelingen op te vangen. Maatschappelijke actie is onontbeerlijk om veranderingen teweeg te brengen. De ontwikkelingen in de afgelopen tijd hebben laten zien dat veranderingen in gang konden worden gezet omdat de ondernomen maatschappelijke actie door civil society organisaties mede gebruik maakte van verkregen kennis en informatie over het verschijnsel islamofobie.’

Discriminatie op sociale media en andere workshops
In het middaggedeelte volgden vijf workshops. Ik licht die over discriminatie en sociale media er uit. Want dat is verbreiden. Uit de presentatie van Gijs van Beek en Ewoud Butter bleek bijvoorbeeld dat maar liefst 9,4 miljoen Nederlanders gebruik maakt van facebook en 2,8 miljoen van twitter. Veel van de aanwezige grass-roots initiatieven maken er succesvol gebruik om hun boodschap te verbreiden. Naast het gebruik ging de workshop vooral over discriminatie op de nieuwe media. Er was zowel aandacht voor de mogelijkheden die er zijn om internetdiscriminatie te melden als voor de grote hoeveelheid discriminerende en bedreigende bagger die er op wordt verspreidt en wat je daar tegen zou kunnen doen. In een gisteren op dit weblog verschenen artikel geeft Ewoud Butter een aantal belangrijke inzichten mee. Zo is het Meldpunt Discriminatie Internet (MDI) gezien het aantal meldingen nauwelijks bekend en wordt het hoe dan ook niet veel bezocht omdat er nauwelijks vertrouwen is dat er iets met meldingen wordt gedaan. En over de bagger zegt Butter:

‘Facebook, Twitter, YouTube en talloze internetfora fungeren niet alleen als gezellige ontmoetingscentra, maar kennen ook hun hoekjes die eerder doen denken aan een open riool. Racistisch, antisemitisch, anti-islamitisch of homofoob taalgebruik zijn aan de orde van de dag. Het gelijkstellen van groepen mensen met ratten, parasieten of kakkerlakken of ander ongedierte is weer helemaal terug. Net als de roep om bevolkingsgroepen te vergassen. Ook om bedreigingen, inclusief vele likes, te vinden hoef je niet erg je best te doen. Er wordt wel gemodereerd, maar echt hoge prioriteit lijkt hate speech niet te krijgen. De moderatoren van Facebook nemen eerder aanstoot aan een foto waarop wat bloots te zien is dan aan een racistische opmerking.’

Van Beek vergeleek sociale media en internet met een puber die nog een hoop opvoeding nodig heeft. Beiden pleiten voor een veel actievere rol van de overheid. Dat kan onder meer door politici daadkrachtiger stelling te laten nemen tegen alle vormen van discriminatie, uitsluiting en haat op het internet, door te investeren in de toepassing van slimme technologieën die hate-speech en discriminerend taalgebruik gemakkelijker kunnen filteren, door het MDI op te tuigen en door het OM meer armslag te geven om aangiften te behandelen.

De andere workshops gingen over islamofobie en antisemitisme, met bijdrages van Sandra Doevendans van Al-Nisa, imam Yassin Elforkani en vertegenwoordigers van Een ander Joods geluid Jaap Hamburger en Max Wieselman; over etnisch profileren en politieke context met onderzoeker en kenner Sinan Çankaya, Naima Ajouaau (voormalig statenlid PvdA) en Sharon Gesthuizen (SP) en over immigratie, vluchtelingen asielzoekers en mensenrechten met asieladvocate Maartje Terpstra (de aangekondigde migratiespecialist Hein de Haas was door persoonlijke omstandigheden helaas afwezig). Anne-Ruth Wertheim en Lieneke Akkerman tenslotte, gingen aan de hand van de film ‘Het eendere en het eigene in op de methode die zij ontwikkelden om leerlingen te begeleiden bij het verwerken van hun indrukken na het kijken en luisteren naar indrukwekkende films.

Verbinden
In de afsluitende sessie was door de organisatoren vooral gevraagd in te zoomen op onderlinge verbinding. Hoewel de deelnemers stuk voor stuk gaan voor meer samenwerking en de noodzaak inzien van bondgenootschap, werd eveneens aangegeven dat er verschillen in richting, prioriteiten, stadium van ontwikkeling en zelfs wrijvingen zijn, ook binnen de afzonderlijke grass-rootsbewegingen. Vrij samengevat; samenwerking is een belangrijk middel, geen doel op zich. Anja Meulenbelt gaf expliciet aan nieuwe energie te halen uit dit divers bezochte symposium met een breed scala aan bondgenoten. En dat gold voor veel meer deelnemers, die samen met de organisatoren refereerden aan het grote belang van een krachtig, gezamenlijk signaal tijdens de Internationale Dag tegen Racisme en Discriminatie op 21 maart 2016.

Belangrijke conclusie was ook dat er geen enkele politieke partij in Nederland is die de strijd tegen racisme, discriminatie en uitsluiting echt omarmt of als speerpunt uitdraagt. Tekenend daarvoor vind ik zelf dat door de politiek - verpersonificeerd door de minister-president - de bal veel te vaak naar de samenleving wordt toegerold. Los het onderling maar op (Zwarte Piet-discussie), zet zelf maar een tandje bij, neem je eigen verantwoordelijkheid of ‘vecht je in de samenleving in’. Tegelijkertijd profileert de PVV zich nog altijd succesvol met een anti-islam, anti-migrant en anti-vluchtelingen agenda. Door fundamentele kritiek uit Europa (ECRI) en daarbuiten (VN-commissie tegen Uitbanning van Rassendiscriminatie) op het eigen beleid schijnbaar nonchalant weg te wuiven (‘wij zijn geen racistisch land') geef je tegen dat discours gewoonweg veel te weinig weerwoord en sluit je mensen niet in maar uit. En dat verhaal blijf ik herhalen.

Roemer van Oordt is redacteur/columnist van Republiek Allochtonië en met Ewoud Butter initiatiefnemer van de nieuwe website polderislam.nl, waarop - naast aandacht voor islamofobie/moslimdiscriminatie - vooral veel achtergrondinformatie over de institutionalisering van de islam in Nederland.



Dit blog geeft slechts wat impressies van het symposium ‘Verbinden en verbreiden’ en is zeker niet bedoeld als verslag. Daarvoor kunt u terecht bij de organisatoren. Stuur een mail met dat verzoek naar: info@emcemo.nl.


Meer over racisme op dit blog: hier en over discriminatie: hier


Volg Republiek Allochtonië op
twitter of like ons op facebook.  

 


Waardeert u ons werk? U kunt het laten blijken door een bijdrage over te maken op rekeningnummer NL12INGB0006026026 ten name van de stichting Allochtonenweblog te Amsterdam. Met een donatie van 5 euro zijn we al blij. Meer mag ook!  

 



 

 


Meer over antisemitisme, één land één samenleving, discriminatie, emcemo, islamisering, islamofobie, moslimhaat, pvv, racisme, roemer van oordt, rutte, uitsluiting, vluchtelingen. asielzoekers, wilders.

Delen:

Reageer