Eddy Terstall en Yoeri Albrecht: Herbronning van de progressieven

In opinie door Yoeri Albrecht en Eddy Terstall op 22-10-2010 | 11:21

tekst: Eddy Terstall en Yoeri Albrecht

Het was een verbijsterende stoet van gewichtig kijkende lichtgewichten die tegen Geert Wilders te hoop liep. De ene advocaat liet zijn onnavolgbare gedachten omtrent democratie en samenleving zonder enige consistentie de vrije loop, een ander begon met duidelijke minachting voor de rechters te schimpen tegen de verdachte, die hij voor Hitler uitmaakte. Het zullen je raadsmannen maar zijn. Met dergelijke vijanden heeft Wilders geen vrienden meer nodig.

Een jonge rechtenstudente riep het verzetsverleden van haar familie in herinnering om te onderstrepen hoe goed ze zelf wel was. Dat het tenenkrommend is om het verleden van je grootouders voor je te laten spreken terwijl er in de bankjes van de aangeklaagde partij een advocaat zit die, zoals iedereen kan weten, de zoon is van een Auschwitz overlevende, weerhield haar niet. Sterker nog ze noemde hem de volgende dag op twitter een minderwaardig mens en hoewel ze in haar pleidooi voor de rechtbank uiteen had gezet dat zij en veel moslims juist de beschermer van de joden zijn meldde ze, er op lostwitterend, dat Moszkowicz bij haar niet welkom zou zijn in tijden van nood.

Mohammed Rabbae stak vergeleken met dit gezelschap zelfs nog een consistent verhaal af. Geen mens wil deel van een tsunami zijn of een vijfde colonne. Die observatie is invoelbaar en helder.
Ontluisterend was daarentegen weer het optreden van de advocaat van de ‘Beweging voor herstel van het respect’ Michiel Pestman die avond bij Pauw en Witteman. Hij had niet eens de moeite genomen om voor zichzelf goed te formuleren wat er nu precies mis is met Wilders. Iets met racisme, want hij beledigd moslims. Toen Jeroen Pauw hem terecht vroeg wat er racistisch kan zijn aan kritiek op een geloof, geloofde Pestman zijn oren niet. Hij kon zichzelf niet tot eens tot een samenhangend antwoord op deze voor de hand liggende vraag bijeenrapen. Pestman leek wel shellshocked omdat hij bij de linkse Vara kritische vragen kreeg over zijn rol in het proces tegen Wilders. En passant werd nog even Hirsch Ballin door Pestman verdacht gemaakt als vermeend architect van een vooraf bepaalde vrijspraak.

Het hele theater laat zien hoe volledig out-of-touch met de maatschappij de ‘benadeelde partijen’ in het proces Wilders eigenlijk zijn. Ze gingen zo volledig op in hun morele gelijk dat ze geen enkele aandacht hebben besteed aan het juridische handwerk, aan logisch en rustig denken en presentatie. Het was een beschamende kakofonie die ook de uiterst geduldige rechters te veel werd.

Vreemder is dat de Nederlandse rechtstaat en vooral de publieke opinie zich zo lang hebben kunnen laten gijzelen door dergelijke luidruchtige wardenkers. Islam kritiek of twijfel aan de multiculturele samenleving was decennia lang bijna bij wet verboden. Maar sinds kort is open debat weer mogelijk. En daar ligt de winst van de afgelopen dagen. En daar ligt de ruimte voor ware progressieven. Modernistisch en secularistisch links lijkt uit een lange winterslaap te ontwaken..

Bij Pauw en Witteman krijgt iemand als Pestman tegenwoordig gewoon tegengas en Femke Halsema schrijft een pleidooi voor het hard aanpakken van religieus fanatisme. Geluiden die we eerder ook al opvingen van Boris van der Ham, Tofik Dibi, Eberhart van der Laan en Sharon Dijksma. Het nuchtere en niet denkluie deel der progressieven roert zich. Zou er soms sprake zijn van een herbronning op links? Wellicht keert links eindelijk terug naar zijn seculiere wortels. Weg van het groepsdenken, terug naar het mensdenken. De religofilie lijkt al bijna ouwe koek. Gewetensvrijheid lijkt terug op het linkse agenda.

We leven dus in interessante tijden. Het mooie en tegelijk gevaarlijke is dat we maatschappelijk op onbekend terrein zijn, over de rand van de kaart. We worden gedwongen na te denken over wezenlijke zaken en politiek correcte algemeenheden volstaan niet meer. Net zo min als populistisch geroeptoeter ons verder kan helpen.
De Duitse Bondskanselier heeft zojuist verklaard dat de multiculturele samenleving als een mislukking omschreven kan worden. Dat is een geluid uit het meest politiek correcte land van Europa dat opvalt. Politicus Janmaat is niet eens heel lang geleden vanwege een dergelijke uitspraak veroordeelt door de Nederlandse rechter. Om het met woorden uit de jaren zeventig te zeggen: de panelen schuiven weer, we beleven kortom een paradigma verschuiving. Hier, in Duitsland en binnenkort elders in Europa.

En daar ligt de echte kans van dit moment (en natuurlijk het gevaar). Gaan we nu het debat eindelijk weer is opengebroken elkaar steeds meer en vaker juridisch te lijf , gaan we verruwen en verruigen? Of gaan we een nuchter en realistisch debat voeren over de vorm en het verhaal van onze democratie en rechtstaat dat ergens over gaat. Misschien moeten we het debat over immigratie en integratie weer vanaf de grond opnieuw op bouwen. Maar dan wel op basis van feiten en argumenten.

Eddy Terstall is filmmaker en Yoeri Albrecht is directeur van De Balie. Een versie van dit artikel is ook verschenen in de Volkskrant onder de titel "Met zulke vijanden heeft Wilders geen vrienden meer nodig". Deze tekst is met toestemming van Eddy Terstall op Republiek Allochtonie geplaatst.

Naschrift van de redactie: de in de tekst genoemde tweets van de jonge rechtenstudente, die heeft aangegeven zich niet verder in het publieke debat te willen mengen, zijn volgens onze informatie niet van de betrokken getuige. Het gaat om een fake-account van iemand die zich als haar heeft voorgedaan. De fake-account is inmiddels verdwenen.

Graag hadden we de teksten van Rabbae en de rechtenstudente integraal geplaatst. Dat blijkt technisch niet mogelijk, daarom een link naar de teksten op de site van advocate Böhler:

[toelichting M. Rabbae]

[toelichting benadeelde]


Meer over #proceswilders, eddy terstall, yoeri albrecht.

Delen:

Reageer




Reacties


Jeroen - 23/10/2010 20:20

Ff 1 dingetje: die twitter was niet van haar, die was van een lolbroek.