Opnieuw toont onderzoek aan dat allochtone verdachte zwaarder gestraft wordt

In achtergronden op 29-01-2015 | 11:31

Uit onderzoek van de universiteit van Leiden blijkt dat allochtone verdachten vaker een gevangenisstraf krijgen dan autochtone verdachten. Ook zijn de celstraffen voor de allochtone verdachten langer dan die voor hun autochtone criminele collega's.

Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van de Raad voor de Rechtspraak,  de belangenorganisatie van de rechters in Nederland.

De Leidse onderzoekers bestudeerden 110.000 strafdossiers, daarnaast spraken ze met 1500 gedetineerden die in 2010 en 2011 een celstraf moesten uitzitten.

Ze ontdekten dat een  in Nederland geboren verdachte voor een gekwalificeerde diefstal - een diefstal waarbij bijvoorbeeld wapens zijn gebruikt - een kans van 7 procent op een celstraf, terwijl Turken en Antillianen van de tweede generatie bij een vergelijkbaar delict een kans van 11 procent op een celstraf hadden.

De onderzoekers konden een groot deel van de verschillen verklaren door de uitkomsten te corrigeren voor persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals de aanwezigheid van een strafblad, of het vaker opleggen van een taakstraf aan verdachten met een baan.Toch blijft er een klein deel van de verschillen in straffen onverklaard.

Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, wil ook dat laatste deel onderzocht hebben. Hij verklaart in Trouw: "De suggestie dat rechters onderscheid maken, staat haaks op de kernwaarden van de rechter."

Bevestiging eerder onderzoek 

Het onderzoek bevestgt de resultaten van eerder, kleinschaliger onderzoek.

Tien jaar geleden, in 2005 trok criminologe Mieke Komen al de conclusie dat allochtone jongeren voor hetzelfde delict zwaarder worden gestraft.

Zij bestudeerde 241 dossiers van minderjarige verdachten en concludeerde dat allochtone jongeren gemiddeld 53 dagen langer in detentie zitten dan autochtonen. Dit verschil kon volgens de criminologe niet worden verklaard door de ernst van het delict of de zwaarte van de strafzaak. Volgens Komen lag het probleem bij de gedragsdeskundigen die een dossier opmaken van iedere minderjarige verdachte en de rechtbank vervolgens adviseren. Het probleem is volgens Komen dat gedragsdeskundigen een verkeerd beeld schetsen van de verdachte omdat zij de cultuur niet geheel begrijpen. 

In 2012 concludeerden onderzoekers van de Universiteit Leiden dat verdachten met een ‘buitenlands’ uiterlijk een vijf keer hogere kans hebben op onvoorwaardelijke celstraf dan Nederlanders. Wanneer ze ook het Nederlands niet machtig zijn lopen ze een twintig keer hogere kans op een vrijheidsstraf. Het betuigen van spijt door de verdachte bleek geen invloed te hebben op de strafmaat.

Voor het grote gebrek aan rechtsgelijkheid tussen Nederlandse en buitenlandse daders worden een aantal verklaringen gegeven, waaronder het ‘onbewust gebruik’ van negatieve stereotypen door rechters en minder contact met de rechter wanneer de verdachte slecht Nederlands spreekt. 

 

Volg Republiek Allochtonië op twitter of like ons op facebook.  


Waardeert u ons vrijwilligerswerk? U kunt het laten blijken door een bijdrage over te maken op rekeningnummer NL12INGB0006026026 ten name van de stichting Allochtonenweblog te Amsterdam. Met een donatie van 5 euro zijn we al blij. Meer mag ook!  

 

 


Meer over criminaliteit, ledien, mieke komen, onderzoek, rechters, straffen.

Delen:

Reageer