De aanpak van discriminatie, radicalisering en integratie van nieuwkomers in de coalitieakkoorden van de vier grote steden

In achtergronden door Ewoud Butter op 12-07-2018 | 08:58

Nu ook Rotterdam een nieuw college heeft, wordt het tijd de balans op te maken. Welke partijen vormen in de vier grote steden een college, wie zijn de verantwoordelijke wethouders, wat zijn de plannen van deze colleges om discriminatie en etnisch profileren tegen te gaan, wat voor plannen hebben ze om polarisatie en radicalisering tegen te gaan en wat willen ze doen voor nieuwkomers?

GroenLinks en D66 zijn de grootste winnaars van de verkiezingen en de daaropvolgende formatie. Beide partijen zitten in de stadsbesturen van alle vier de grote steden. De VVD (Rotterdam, Den Haag), PvdA (Amsterdam, Rotterdam) en de ChristenUnie (Rotterdam, Utrecht) zitten in twee colleges en de SP (Amsterdam), CDA (Rotterdam) en Groep de Mos (Den Haag) in één stadsbestuur.   

Amsterdam 

Amsterdam heeft van de grote steden het meest linkse college dat gevormd is door GroenLinks (10 zetels), D66 (8 zetels), PvdA (5 zetels) en SP (3 zetels). https://www.amsterdam.nl/bestuur-organisatie/gemeenteraad/raadsleden-fracties/De oppositie zit in Amsterdam vooral op rechts (VVD, 6 zetels, FvD, 3 zetels) en bij DENK (3 zetels) en de Partij voor de Dieren (3 zetels). 

Discriminatie

In het akkoord van 80 bladzijden wordt relatief veel aandacht besteed aan de aanpak van discriminatie. Niet erg verrassend: niet alleen de collegepartijen GroenLinks, D66 en PvdA hadden veel aandacht voor dit onderwerp in hun verkiezingsprogramma’s, maar ook oppositiepartijen als BIJ1 en DENK. 

Het nieuwe college kiest onder andere voor: 

  • het aanvullend investeren in het Meldpunt Discriminatie en Regio Amsterdam;
  • het vaker en breder inzetten van mystery-guests en hogere sancties voor horecabedrijven die discriminerene (three strikes out)
  • Niet samenwerken met bedrijven en organisaties die zich schuldig maken aan discriminatie. 
  • Het ondersteunen van op diversiteit gerichte, netwerken in de stad, in het bijzonder bij de politie en in het onderwijs.
  • een campagne met maatschappelijke organisaties om de aangiftebereidheid te verhogen.
  • een Gemeentelijke Emancipatiemonitor waarmee over de stand van de emancipatie en veiligheid van verschillende groepen wordt gerapporteerd.

Etnisch profileren

Ook neemt het college stelling tegen etnisch profileren: “In Amsterdam wordt niet etnisch geprofileerd. Met de politie werken we instrumenten uit om het politieoptreden beter te monitoren. De driehoek doet een sterk beroep op het ministerie om de onafhankelijke klachtencommissie uit te breiden met een of meerdere burgerleden. De commissie rapporteert jaarlijks aan de raad.”

Diversiteit

Om geloofwaardig te zijn als het gaat om diversiteit en inclusiviteit, zal de gemeente zelf het goede voorbeeld moeten geven. Het Amsterdamse college schrijft:

De gemeente Amsterdam is een diverse en inclusieve organisatie. Het personeelsbestand moet een afspiegeling zijn van de Amsterdamse beroepsbevolking en moet daarom meer divers worden in alle lagen van de organisatie. We werken daarom verder aan een inclusieve organisatiecultuur, een inclusief personeelsbeleid en inclusieve werving en selectie.

De vier Amsterdamse collegepartijen tekenden al voor de verkiezingen samen met BIJ1 en de ChristenUnie het Manifest Kansengelijkheid in het basis- en voortgezet onderwijsVeel punten uit dit manifest komen terug in het nieuwe programma. De collegepartijen schrijven onder andere:

  • "Er komt een grootstedelijk programma om leraren en docenten te ondersteunen bij de omgang met de diversiteit van Amsterdam. Bijzondere aandacht gaat uit naar het voorkomen van onderadvisering.
  • We stimuleren burgerschap op scholen en in buurten door programma’s als de vreedzame school en vreedzame wijk.
  • We vieren de Amsterdamse diversiteit en geven extra aandacht aan onze gedeelde geschiedenis in het onderwijs (waaronder slavernij, koloniaal verleden en migratiegeschiedenis).
  • We stellen een ‘Amsterdamse Burgerschap via Cultuurroute’ samen, die alle Amsterdamse scholen krijgen aangeboden via de gemeente en waarin de thema’s zoals polarisatie, tolerantie, LHBTIQ+’ers en religie, gelijkwaardigheid aan bod komen.
  • Ouderinitiatieven en scholen die segregatie tegengaan worden extra ondersteund en beloond.
  • De gemeente maakt een kansengelijkheidsplan in samenspraak met scholen. Dit plan omvat: het tegengaan van segregatie, de toegevoegde waarde van informeel onderwijs, mogelijkheden tot stapelen, het voorkomen van onderadvisering, toelatingsbeleid en het maximeren van de ouderbijdrage.
  • We investeren bij voorkeur in brede scholengemeenschappen en brede brugklassen, waarmee breed niet meteen ook groot betekent.
  • We streven ernaar dat Amsterdamse kinderen voorbereid zijn op het leven in een wereldstad door scholen aan te spreken op het onderwijzen van een tweede taal en internationaal georiënteerd onderwijs aan te bieden.

24 uurs opvang voor ongedocumenteerden

Veel aandacht is er al in de media geweest voor de 24 uurs opvang voor ongedocumenteerden, een onderwerp dat, onder andere vanwege de Wij Blijven Hier groep, al ruim 6 jaar prominent op de Amsterdamse politieke agenda staat. De collegepartijen schrijven: "Er wordt een 24-uursopvang ingericht voor ongedocumenteerden die op dit moment in Amsterdam verblijven. In deze voorziening wordt gewerkt aan perspectief (waaronder terugkeer) met professionele begeleiding."

Er wordt een plan ontwikkeld waarbij er voor 500 mensen ruimte wordt gemaakt, die daar anderhalf jaar kunnen blijven. Daarna heeft de burgemeester de discretionaire bevoegdheid de verblijfsduur eventueel te verlengen. Een persoon in de opvang stelt samen met een professionele begeleider een perspectiefplan op. Na elk half jaar wordt voortgang geëvalueerd om te zien hoe aan perspectief is gewerkt en wordt bekeken wat noodzakelijke vervolgstappen zijn.Tijdens verblijf in de opvang worden de bewoners niet opgepakt vanwege ontbreken van verblijfsstatus. Hierover worden afspraken gemaakt met politie en bewoners krijgen een pasje ter identificatie.

Statushouders, werk, inburgering

Relatief beknopt is de aandacht in het Amsterdamse akkoord voor de inburgering van nieuwkomers: er komen banenplannen en “We zetten de aanpak statushouders door en onderzoeken hoe elementen van de aanpak in reguliere programma’s kunnen worden belegd.”

Radicalisering en polarisatie

Weinig aandacht besteden de partijen aan de aanpak van radicalisering en polarisatie. Dit betekent dat dit beleid vooral zal worden vormgegeven in nauw overleg met de nieuwe burgemeester Femke Halsema. De partijen beperken zich tot: "Amsterdam blijft onverminderd inzetten op het tegengaan van radicalisering, extremisme en intolerantie in welke vorm dan ook. De beveiliging van religieuze instellingen wordt gecontinueerd en met andere groepen zal periodiek, of als daar aanleiding toe is, overlegd worden of ondersteuning of beveiliging noodzakelijk is."

Overig

De gemeente Amsterdam zal zich volgens het programma "onverminderd in zetten voor de totstandkoming van het Slavernijmuseum". Opmerkelijk is tot slot de hernieuwde aandacht voor zelforganisaties. De collegepartijen schrijven onder andere: “We stellen gemeenschappen in staat om zichzelf te organiseren als ze tegelijkertijd werken aan versterking van brede Amsterdamse sociale binding.” Ook zal er regelmatig overleg met vertegenwoordigers van verschillende gemeenschappen plaatsvinden. 

Rotterdam

  • Coalitie: VVD, D66, GroenLinks, PvdA, CDA en ChristenUnie-SGP 
  • Coalitieakkoord Rotterdam: Nieuwe energie voor Rotterdam (47 bladzijden)
  • Wethouder: Bert Wijbenga (VVD), Handhaving, buitenruimte, integratie en samenleving

In het sterk gepolariseerde Rotterdam duurde de formatie van het nieuwe college tot half juni. Het nieuwe “middencollege” heeft een krappe en kwetsbare meerderheid van 23 zetels. De VVD, GroenLInks, PvdA en D66 hebben ieder 5 zetels, het CDA 2 zetels en CgristenUnie/SGP 1 zetel. Het college krijgt vooral forse oppositie op rechts (Leefbaar Rotterdam met 11 zetels) en op links (Denk met 4 zetels, SP (2) en NIDA (2)). 

Het Rotterdamse akkoord is inhoudelijk grotendeels gebaseerd op een raamakkoord dat VVD en GroenLInks in mei sloten en waarbij de meeste partijen zich in eerste instantie aansloten. Uit een uitgebreide reconstructie van Mark Hoogstad op Vers Beton blijkt dat is gekozen voor een coalitie met de eenmans fractie van Christen-Unie/SGP boven een coalitie met de tweemans fractie van NIDA omdat voor de VVD de partij van Nourdin el Ouali te links is. Eerder was NIDA vanwege een tweet door GroenLinks uit het Linkse Blok gestoten. Het heeft consequenties. Zo had ChristenUnie/SGP in tegenstelling tot NIDA niet het roze stembusakkoord ondertekend. In grote lijnen werd dit akkoord wel overgenomen, maar op aandringen van de landelijke SGP leider Van der Staay werd  de term ‘homovriendelijk’ gewijzigd in ‘homoveilig’. Rotterdam mag van de SGP vooral niet uitstralen dat het een hedonistische vrijplaats wordt voor LHBTI’ers.

Discriminatie

In het Rotterdamse akkoord (47 bladzijden) ook redelijk wat aandacht voor de aanpak van discriminatie.  In het coalitieakkoord staat onder andere: 

  • We werken aan meer bewustzijn op het gebied van arbeidsmarktdiscriminatie. Dit doen we onder andere via het Rotterdamse Platform Arbeidsmarktdiscriminatie. 
  • De gemeente doet geen zaken met discriminerende werkgevers. 
  • Discriminatie op de woningmarkt brengen we in kaart en pakken we aan, bijvoorbeeld met praktijktesten d.m.v. mystery guests. 
  • Meer mensen zijn bereid om melding maken van discriminatie, daar werken wij samen met Idem en Radar aan.
  • De gemeente treedt op tegen intolerant en normoverschrijdend gedrag in de publieke ruimte en ondersteunt professionals als zij met zulk gedrag worden geconfronteerd. 
  • In Rotterdam streven we naar een zodanig veilig en vrij schoolklimaat, dat de intolerantie van de één nooit de vrijheid van de ander inperkt. 
  • Samen met organisaties in de stad, ontwikkelen we een nieuwe emancipatie- agenda. Op deze agenda staan anti-discriminatie, emancipatie, diversiteit, homo- en vrouwenemancipatie.”

Etnisch profileren

In het Rotterdamse akkoord wordt - in tegenstelling tot Amsterdam en Den Haag - geen aandacht besteed aan etnisch profileren. 

Diversiteit

Het Rotterdamse akkoord bevat ook een korte passage over het eigen diversiteitsbeleid: “De gemeente zet haar werving & selectie breed in, zodat het personeelsbestand een goede afspiegeling is van de Rotterdamse samenleving.” 

Radicalisering

Het Rotterdamse college wil radicalisering en polarisatie terugdringen door preventie en signalering en een persoonsgerichte aanpak.Verder worden subsidies aan organisaties gestopt wanneer ze opruiende, haatzaaiende en intolerante boodschappen faciliteren, Haatpredikers, die een gevaar vormen, kunnen een gebiedsverbod krijgen. 

24-uurs opvang

Rotterdam biedt –anders dan Amsterdam en Utrecht- “uitgeprocedeerde asielzoekers sobere opvang, binnen de wettelijke kaders, tot ze met het oog op terugkeer kunnen uitstromen naar een van de Landelijke Vreemdelingen Voorzieningen.” 

Inburgering, nieuwkomers

In het akkoord is veel aandacht voor de opvang en inburgering van nieuwkomers. Het Rotterdamse college stelt onder andere het volgende voor: 

  • Het leren van de taal koppelen we aan andere activiteiten zoals werk, zorg, onderwijs en sport. 
  • Wie verwijtbaar de taal niet leert, krijgt minder bijstand. We handhaven de taaleis van de Participatiewet. 
  • Met extra inzet helpen we statushouders aan werk of helpen we hen om zich daar op voor te bereiden. 
  • We voeren maatschappelijke begeleiding voor gezinsmigranten in. 
  • Iedereen die onder de inburgeringsplicht valt, neemt deel aan de taal- en inburgeringtrajecten. 
  • De gemeente voert de regie bij inburgering en controleert de kwaliteit van taalbieders. We begeleiden statushouders zo snel mogelijk naar werk. Vanaf dag 1 krijgen zij intensieve taalcursussen en in overleg met ROC’s breiden we de mogelijkheden voor (bij)scholing uit. Samen met ROC’s proberen we onbedoelde financiële drempels bij opleiding op te lossen. 
  • Tijdens het inburgeringsproces stimuleren we dat deelnemers mee doen in de stad, bijvoorbeeld door vormen van vrijwilligerswerk of duale trajecten (combinaties van inburgering en werk of scholing). Rotterdammers kunnen aan de begeleiding een bijdrage leveren, bijvoorbeeld door gidsgezinnen te koppelen aan nieuwkomers. Er komt meer aandacht voor de specifieke problematiek bij de overgang van 18- naar 18+. 
  • Op het gebied van inburgering werken onderwijs, werkgevers, vrijwilligersorganisaties, taalaanbieders en de gemeente intensief samen. De gemeente heeft hierbij een regierol. We besteden extra aandacht aan de emancipatie van kwetsbare groepen onder de statushouders, zoals christenen of lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgender- en intersekse personen (LHBTI+-ers) en alleenstaande minderjarige vreemdelingen
  • In Rotterdam voldoen we aan de taakstelling voor het huisvesten van statushouders. Huisvesten boven de taakstelling doen we niet.

Ook in de opvang zijn er kwetsbare groepen. Zij lopen het risico slachtoffer te worden van discriminerende pesterijen, bedreigingen en geweld. Dat is onacceptabel. We treden hard op tegen de daders en bieden slachtoffers een veilig (tijdelijk) onderkomen. Daarom creëert de gemeente, in samenwerking met het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers en met (LHBTI+)belangenorganisaties, crisisopvangplekken voor LHBTI(+)-vluchtelingen. 

Overig: Lange Armen en religie

Alleen in Rotterdam wordt expliciet aandacht besteed aan beïnvloeding vanuit het buitenland. In het bijzonder wordt stelling genomen tegen “bemoeienis van niet-EU-landen met Rotterdammers die leidt tot spanningen in onze stad”. Deze wordt aan banden gelegd. Eveneens wordt het organiseren van verkiezingsbijeenkomsten door buitenlandse politieke partijen die leiden tot spanningen actief tegengewerkt. “Indien aan de orde worden er geen vergunningen voor verleend”. 

Het Rotterdamse college zet ten slotte in op “meer transparantie en een duidelijker kader met betrekking tot buitenlandse financiering van instellingen en organisaties in onze stad (binnen de kaders van het Rijk) en de naleving daarvan”.

Opvallend tot slot is de aandacht voor religie in het Rotterdamse akkoord. Zo is de Rotterdamse coalitie het volgende van plan:

  • Om meer kennis van en aandacht voor verschillende wereldreligies en culturen te ontwikkelen, maken we afspraken met het onderwijs. 
  • Geloofsgenootschappen stimuleren wij de ANBI- status aan te vragen. 
  • We onderzoeken de mogelijkheid om Rotterdammers zelf te laten bepalen op welke (feest)dagen ze hun bezoek gratis kunnen laten parkeren (bezoekersparkeren). 
  • We zoeken naar mogelijkheden voor een Islamitische begraafplaats en om uitvaartrituelen van bijvoorbeeld de Hindoestaanse gemeenschap structureel mogelijk te maken, want als we verwachten dat iedereen vanaf het eerste begin meedoet in onze Rotterdamse samenleving is het niet meer dan logisch dat je ook hier je laatste rustplaats kan vinden. 

Den Haag

  • Coalitie: Hart voor Den Haag/Groep de Mos, VVD, D66, GroenLinks
  • Coalitieakkoord: Den Haag, stad van kansen en ambities (88 bladzijden)
  • Rachid Guernaoui (Groep de Mos) is wethouder Financiën, Integratie en Stadsdelen (FIS)

De gemeente Den Haag heeft een bont college gekregen bestaande uit de vijf grootste partijen in de Haagse raad: Groep de Mos/Hart voor Den Haag (8 zetels), VVD (7 zetels), D66 (6 zetels) en GroenLinks (5 zetels). De grootste oppositiepartijen in de Haagse raad zijn het CDA, de PvdA en de Haagse Stadspartij, allen met 3 zetels vertegenwoordigd. 

Discriminatie

Ook in Den Haag veel aanlacht voor de aanpak van discriminatie. Ze wil het college de meldings- en aangiftebereidheid van burgers vergroten. Aangifte bij de politie wil het college vergemakkelijken “door het aanbieden van diverse aangiftekanalen en het zorgen voor een goed aangiftevolgsysteem”. 

Discriminatie op de arbeidsmarkt en bij stages wordt aangepakt door samen met scholen, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties het aanbod van stages en leer-werkplekken uit te breiden om de overgang naar een betaalde baan makkelijker te maken. 

Een ander voornemen is dat het anoniem solliciteren binnen de gehele gemeentelijke organisatie verder wordt uitgebreid. 

In het onderwijs wil de nieuwe coalitie dat er specifieke aandacht komt “om alle vormen van wij-zij denken en discriminatie tegen te gaan (zoals antisemitisme, discriminatie van moslims, homohaat, et cetera.) Dit zou kunnen met speciale lesprogramma’s, excursies naar bijvoorbeeld Westerbork of Auschwitz, of deelname aan culturele projecten met dit thema. Ook ondersteunen we de Coming Out Week, een campagne gericht op de acceptatie van diversiteit in seksuele oriëntatie en genderidentiteit.” 

Diversiteit

In het Haagse coalitieakkoord is er geen aandacht voor de diversiteit van het eigen personeel, maar wel moeten professionals in zorg, welzijn, jeugdhulp en maatschappelijke opvang zich bewust zijn “van het bestaan van alle vormen van diversiteit en handelen inclusief en sensitief. We willen dat de cliënt meer centraal komt te staan.” In zorginstellingen moet seksuele en genderdiversiteit meer geaccepteerd worden. 

Etnisch profileren

Net als in Amsterdam staat ook in Den Haag etnisch profileren al langer op de agenda. Den Haag ondersteunt de lopende pilot via de zogenaamde MEOS-app waarmee onnodige staandehoudingen door politiefunctionarissen worden gemeld om escalatie, onveiligheid en etnisch profileren zo veel mogelijk tegen te gaan. 

Politie en gemeentelijke handhavers worden uitgerust met een bodycam. 

Inburgering, nieuwkomers

In vergelijking met het vorige college, kiest het nieuwe Haagse college op dit terrein voor een iets andere koers: “We huisvesten en begeleiden de statushouders die jaarlijks via de wettelijke taakstelling aan Den Haag worden toegewezen. De ambitie om bovenop de wettelijke taakstelling extra statushouders te huisvesten vervalt. Mocht de situatie zich voordoen dat het Rijk een verzoek aan onze stad richt om hier tijdelijk opvang te faciliteren voor nieuwe vluchtelingen, dan staat Den Haag daar welwillend tegenover.” 

Ook in Den Haag zal de integratie van statushouders waar mogelijk aansluiten bij de gemeentelijke inburgerings- en integratie- aanpak. “Daarbij is bijzondere aandacht voor mensen die zijn getraumatiseerd en de economische positie van jongeren.” 

Statushouders zullen via de Haagse corporaties worden bemiddeld voor een reguliere en passende corporatiewoning en grootschalige opvang zal tot het verleden gaan horen. “Onder de voorwaarde dat alle statushouders zonder vertraging worden bemiddeld naar passende woningen, zullen ook specifieke reserveringen ten behoeve van statushouders op nog niet in gebruik genomen locaties vervallen en worden toegevoegd aan de reguliere sociale woningvoorraad. “

Bed-bad-brood

Ook in Den Haag wordt de bed-bad-brood opvang voortgezet. “In Den Haag slaapt niemand tegen zijn zin op straat. Daarom gaan we door met de bed-bad-brood- regeling (inclusief een zinvolle dagbesteding) en zetten in op een menswaardige structurele oplossing met het Rijk.” 

Radicalisering

Relatief veel aandacht in het Haagse akkoord voor de aanpak van polarisatie en radicalisering. Uit de regio Den Haag vertrokken relatief veel jongeren naar Syrië. De Haagse anti-radicaliseringsaanpak wordt voortgezet met ook aandacht voor terugkerende jihadisten. “Samen met de Veiligheidsdiensten letten we erop dat terugkerende jihadisten na het uitzitten van hun straf resocialiseren en niet opnieuw radicaliseren.” 

Preventie speelt voor het tegengaan van radicalisering en ook voor het tegengaan van polarisatie een belangrijke rol. “In concrete gevallen en daar waar het nodig is, en in het kader van de bescherming van de nationale veiligheid, treedt de burgemeester in contact met de minister van Justitie en Veiligheid over het opleggen van vrijheidsbeperkende maatregelen (bijvoorbeeld een gebiedsverbod). Maatschappij-ontwrichtende boodschappen accepteren we niet. Aan organisaties die dergelijke uitingen doen geven we geen subsidie, noch hebben we andere financiële banden met hen. Daarop passen wij de subsidiecriteria aan.” 

Samen met het Rijk en social media platforms wil Den Haag haatzaaiende content verwijderen. “We vinden het voor de stad van belang om in gesprek te blijven. In contact blijven is nodig om te voorkomen dat dergelijke instellingen in een isolement komen en signalen ons niet meer bereiken. Hierdoor kunnen wij invloed blijven uitoefenen op de (vertegenwoordigers en aanhangers van de) instellingen. “

Utrecht 

  • Coalitie: GroenLinks, D66, ChristenUnie
  • Coalitieakkoord: Ruimte voor iedereen (50 bladzijden)
  • Wethouders: Linda Voortman (GroenLinks) heeft in haar portefeuille werk en inkomen, diversiteit (inclusief Utrecht zijn we samen) en Maarten van Ooijen (ChristenUnie) heeft (Maatschappelijke ondersteuning, welzijn, asiel en integratie, sport)

Het Utrechtse College bestaande uit GroenLinks (12 zetels), D66 (10 zetels) en ChristenUnie (2 zetels) heeft een kleine meerderheid in de Utrechtse raad, met de VVD (6 zetels) en PvdA (3 zetels) als grootste oppositiepartijen. 

Het Utrechtse coalitieakkoord is wat korter (50 bladzijden) dan dat in de andere grote steden. De aandacht voor discriminatie, radicalisering, is beknopt en bestaat voornamelijk uit voortzetting van het beleid van het vorige college (GroenLInks, D66, VVD, SP (check)) Het beleid wordt voortgezet, geïntensiveerd of op onderdelen vernieuwd. Zo schrijven de coalitiepartijen: “We gaan door met de aanpak Utrecht zijn we samen, gericht op de preventie van discriminatie, polarisatie en radicalisering. Via de Anti Discriminatieagenda intensiveren we de maatregelen om discriminatie tegen te gaan. We gaan door met de aanpak van vreedzame scholen, wijken en sportclubs." Verder: “We vernieuwen de huidige Regenboogagenda, die eind 2018 afloopt en betrekken hierbij de organisaties, bewoners en bedrijven in de stad. Het stadsbrede Regenboogakkoord is hierbij het uitgangspunt” en “de aanpak om radicalisering en polarisatie tegen te gaan wordt voortgezet, met een mix aan activiteiten gericht op weerbaarheid, dialoog en het betrekken van maatschappelijke organisaties die verankerd zijn in de stad (Utrecht zijn we samen). 

Ook wat betreft de opvang en inburgering van nieuwkomers is er sprake van een voortzetting van het lopende beleid: We zetten ‘Utrecht Mensenrechtenstad’ voort en daarin het project Shelter City (om mensenrechtenactivisten uit andere landen tijdelijk en in veiligheid op adem te laten komen in onze stad). In navolging van ‘Plan Einstein’ en in aansluiting op het nieuwe Rijksbeleid om inburgering richting gemeenten te brengen, gaan we door op de huidige lijn van opvang, inburgering en integratie van vluchtelingen en statushouders. Centraal staan de trajecten waarin het leren van de taal en het doen van een opleiding, werk en/of vrijwilligerswerk worden gecombineerd. We betrekken daarbij mensen uit de buurt om deel te nemen aan activiteiten, zoals bijvoorbeeld gebeurt bij de cursussen ondernemerschap in Overvecht.“

In tegenstelling tot Amsterdam had Utrecht al een opvang voor ongedocumenteerden en de gemeente gaat daar mee door: Het huidige Utrechtse beleid voor de opvang van ongedocumenteerden (bed, bad, brood en begeleiding) blijft het uitgangspunt en we proberen wachtlijsten zoveel mogelijk te voorkomen. 

Foto: Flickr

Bevat dit artikel een fout? Mail ons

Wilt u dat Republiek Allochtonië blijft bestaan? Waardeert u ons vrijwilligerswerk? We kunnen uw steun goed gebruiken. U kunt Republiek Allochtonië steunen en een klein (of groot) bedrag doneren (nu ook via I-deal)

Neem een abonnement op onze dagelijkse nieuwsbrief: Subscribe to Republiek Allochtonië by Email


Meer over coalitieakkoorden, integratiebeleid.

Delen:

Reageer